50 jaar
Onafhankelijkheid – Special
Max Sordam
“De
onafhankelijkheid kwam te vroeg — maar nu is het tijd om vooruit te kijken”
Vijftig jaar na de historische datum van 25 november 1975 kijkt Max Sordam,
betrokken diaspora-woordvoerder en kenner van Surinaamse ontwikkelingen, met
een mengeling van realisme, zorg en hoop terug op een halve eeuw
onafhankelijkheid. De gebeurtenissen die in 1975 tot zelfstandigheid leidden,
waren volgens hem een keerpunt — maar een keerpunt dat Suriname niet goed heeft
kunnen verzilveren.
“Er is in
vijftig jaar weinig veranderd — de uitdagingen zijn groot gebleven”
Voor Sordam heeft de onafhankelijkheid van
Suriname een diepe betekenis, maar niet onverdeeld positief. De politieke en
economische realiteit van de afgelopen vijftig jaar ziet hij als een
bevestiging dat de staatsvorming in 1975 te snel en onvoldoende doordacht tot
stand kwam.
“Door de verkregen onafhankelijkheid in 1975 is
de situatie in principe de afgelopen vijftig jaar onveranderd gebleven. Er is
nog veel werk te doen om de economie te verbeteren. Corruptie blijft een groot
probleem voor de ontwikkeling.”
Hij noemt het pijnlijk dat het land, ondanks zijn
natuurlijke rijkdommen en talentvolle bevolking, nog altijd worstelt met
economische stagnatie en bestuurlijke kwetsbaarheid.
“In de tijd
van Arron en Lachmon voelde de onafhankelijkheid veel te vroeg”
Sordam herinnert zich hoe er in de jaren vóór de
onafhankelijkheidsverklaring grote onzekerheid bestond. De gevolgen waren, zegt
hij, niet te overzien — en de geschiedenis heeft volgens hem laten zien dat de
zorgen gerechtvaardigd waren.
“Tijdens de regeerperiode Arron/Lachmon vond ik
de onafhankelijkheid gevoelsmatig veel te vroeg.”
Wat volgde, noemt hij ronduit desastreus:
- de
militaire coup van 1980,
- de
Decembermoorden,
- structurele
corruptie,
- economische
terugval,
- armoede,
- en
opeenvolgende regeringen die volgens hem te weinig stabiliteit en visie
wisten te bieden.
“De realiteit van de afgelopen vijftig jaar is
desastreus geweest voor de gemeenschap en de economische ontwikkeling van
Suriname.”
2025: Een
moment van bezinning én voorzichtig optimisme
Ondanks de moeilijke geschiedenis ziet Sordam in
2025 een kans voor een nieuw begin. De wereld verandert, Suriname verandert mee
— en volgens hem is het tijd om zowel lessen te trekken als vooruit te durven
kijken.
“Het is de moeite waard om anno 2025 de dag van
vandaag te overdenken, de geleerde lessen te vieren en het regeerbeleid van een
vrouw in de toekomst hoopvol tegemoet te zien.”
Hij refereert hierbij aan president Jennifer
Simons, die bestuurlijke transparantie als speerpunt heeft.
“President Jennifer Simons heeft gesteld bestuurlijk transparant te zijn. Tot op zekere hoogte is dat een belangrijke factor voor haar regering, en dat heeft ze tot nog toe naar omstandigheden goed gedaan.”
Voor Sordam is het essentieel om haar de ruimte
te geven om hervormingen door te voeren.
“Geef haar de kans en werk mee aan een
structureel goed ontwikkeld onafhankelijk Suriname.”
Een boodschap
aan Surinamers wereldwijd
Voor het vijftigjarig jubileum heeft Sordam een
duidelijke boodschap aan zowel Surinamers in het land als in de diaspora:
- Wees
kritisch, maar bouw mee.
- Vraag
goed bestuur — maar draag er ook aan bij.
- Koester
de lessen uit de geschiedenis — maar kijk niet alleen achteruit.
Het gaat volgens hem om gezamenlijke
verantwoordelijkheid:
“Suriname heeft de kans om te groeien, maar
daarvoor moeten burgers en bestuurders samenwerken.”
Vijftig jaar
later: een land dat nog steeds bouwt aan zijn toekomst
Voor Max Sordam is vijftig jaar onafhankelijkheid
geen voltooid hoofdstuk, maar een voortdurende reis. Een reis die veel kostte,
maar ook nieuwe kansen biedt.
Zijn slotboodschap is helder: Suriname moet niet
langer blijven hangen in de fouten van het verleden, maar met vastberadenheid
werken aan een stabiel, transparant en welvarend toekomstig Suriname — een land
dat de belofte van 1975 alsnog waarmaakt.

