Barryl
Biekman over overlijden Santokhi: “Een menselijk drama dat tot reflectie moet
leiden”
Een
onverwachte schok
Door Barryl Biekman
Het overlijden van de voormalig president
Santokhi gisteren is als een schok bij me binnengekomen. Eerlijkheidshalve
gebiedt mij dat te zeggen.
Ik heb me tijdens de Surinaamse
verkiezingscampagne in april/mei vorig jaar veelvuldig afgevraagd hoe al die
koskosies op hem, hem nog op de been hielden.
Er is zo verschrikkelijk veel op de man afgekomen
dat ik al hoopte dat hij mensen om zich heen zou hebben die zich over hem
konden ontfermen, met name over de menselijke kant. Niets dan alleen maar goeds
luidt de slogan bij het overlijden van een persoon. Uit piëteitsoverwegingen
wordt je geacht te vergeten welke bijdrage er is geleverd tijdens het leven van
de persoon waar het om gaat.
Zelf vind ik zijn overlijden een menselijk drama.
Zo plotseling weggerukt te zijn uit het leven.
Laten we ervan uitgaan dat de Allerhoogste een
bedoeling heeft gehad met het roepen van voormalig president Santokhi naar het
huis waar zijn ziel moge rusten in vrede. De dood als een onvermijdelijk
onderdeel van het bestaan, ingezet om hem voor eeuwig te vrijwaren van de
stress en de zorgen die voor hem kennelijk ondraaglijk waren geworden. Zijn
lichaam heeft dan ook noodgedwongen moeten loslaten. In de hoop dat wij kunnen
leren; dat zijn dood tot vermeerdering van kennis en inzichten moge leiden om
ons te helpen te groeien, zowel persoonlijk als spiritueel. Dat het besef van
sterfelijkheid ons uitnodigt om intenser, liefdevoller en bewuster te leven.
Deel 2
Mijn contact met hem was meer op afstand, via
brieven die ik hem persoonlijk schreef. Brieven waarin ik hem ongevraagd
adviseerde. Maar ik geloof niet dat hij daar al te veel oog voor had.
Op 15 juli 2020 stuurde ik hem een open
felicitatie met een bijlage.
De hoofdlijnen:
Excellentie,
Het is voor mij een grote eer om u via deze weg
de hartelijke felicitaties over te brengen. Dit naar aanleiding van uw
verkiezing tot president van de Republiek Suriname en aan de vooravond van de
plechtige inauguratie in verband met de aanvaarding van het hoogste ambt van
het land.
Moge u de genade van de Allerhoogste aan uw zijde
vinden om datgene te doen wat in het belang is van duurzame ontwikkeling van de
Republiek Suriname. Veel zegeningen toegewenst in verband met de grote
verantwoordelijkheid die op uw schouders berust in verband met het
financieel-economisch vraagstuk en het bestrijden van COVID-19.
De felicitatie, evenals woorden van succes,
gelden tevens voor alle leden die deel uitmaken van uw kabinet; het Surinaams
parlement en last but not least de Surinaamse bevolking als geheel en in de
diaspora.
President,
Ik zou geen Barryl Biekman heten als ik u niet
een aantal aanbevelingen van de hand zou doen. Ik heb vanuit mijn rol als een
‘Surinaamse diaspora-lid met een missie’ met heel veel belangstelling kennisgenomen
van het regeerakkoord van uw kabinet respectievelijk de coalitie, getiteld:
“Samen werken aan een duurzame toekomst voor Suriname”. Een bijzondere titel
die verwachtingen wekt. Ik heb me na het lezen afgevraagd wat de bijdrage is
die ik zou kunnen leveren in het kader van het meedenkproces, de ontwikkelingsstrategie
en -diplomatie. Ik hoop dat u mijn ‘bescheiden interventie’, die ik in de
bijlage heb samengevat, naar waarde zal weten in te schatten.
Ik eindig met u veel wijsheid toe te wensen.
Vergeet u vooral niet om ook aan uzelf te denken, goed voor uzelf te zorgen,
gezond te eten om het stukje plezier in het leven te kunnen vasthouden. Als uw
lijfspreuk de vijf p’s zijn: People, Planet, Profit, Prosperity (for the
interest and benefit van het gehele Surinaamse volk, inclusief de
migrantenburgers en in de diaspora) en Pleasure, niet te vergeten, dan komt het
wel goed. Succes morgen!!!
De BIJLAGE bij felicitatiebrief aan president van
de Republiek Suriname, Zijne Excellentie Chandrikapersad “Chan” Santokhi
Auteur: Dr. Barryl A. Biekman
In het regeerakkoord (https://app.box.com/s/fic7ucz9hk07q6vgh5bxoryhhrji9c7d) staan de volgende interessante volzinnen:
Bijzondere aandacht zal geschonken worden aan de
Surinamers in de diaspora, die gezien worden als deel van onze natie. Er komt
een speciaal diasporabeleid met de nodige instrumenten om het gevoel van
Surinamer-zijn bij hen te versterken en hen te betrekken bij de verdere
ontwikkeling van Suriname.
In dit verband wil ik u verwijzen naar het
concept-kaderplan in deze link: https://app.box.com/s/9z3134xq3vwav9x0ds0zkbw896z8nexz. Ik geloof niet dat dat wat erin staat is geantidateerd. De aanbevelingen
op het gebied van de PSA-wet (zie in deze: https://app.box.com/s/z6284ekdgzqneer37be078qh772x9lrc) zijn opportuun.
Desgewenst kunt u uit de inzichten putten bij het
effectueren van het al in gang gezette diasporabeleid. Ik besef dat niet alles
uitputtend geschreven kan worden in een regeerakkoord. Het gaat veelal om de
hoofdlijnen.
Belangrijk zijn het besef, het bewustzijn en de
kennis dat er al heel veel op de plank ligt dat in feite op uitvoering wacht.
Inzicht in wat er al ligt aan ontwikkelde producten (programma’s, projecten
annex instrumenten) kan bijdragen tot een snellere oplossing van de knelpunten
op de verschillende bestuurlijke, sociaal-maatschappelijke, economische en
financiële gebieden van zorg.
In uw regeerakkoord heb ik eerlijk gezegd weinig
nieuws aangetroffen ten opzichte van eerdere regeerakkoorden uit de kabinetten
NPS-VHP-PL, al dan niet in samenwerking met de A-combinatie. Het opnieuw het
wiel proberen uit te vinden vergroot de kans op stagnatie, vooral op het gebied
van (duurzame) groei. En omdat Suriname kampt met een
capaciteits-(ontwikkelings)vraagstuk dient de diasporastrategie (inclusief een
effectief remigratiebeleid) een prioritaire status te krijgen.
Er is heel veel potentie in Nederland onder de
diaspora die niet onbenut kan worden gelaten. Het is goed als de diplomatieke
banden met Nederland worden hersteld. Vergeet u a.u.b. niet de rol van de
diaspora daarbij. Want voordat u het weet zitten de (witte) Nederlandse
bedrijven, maar ook de Chinese en Indiase bedrijven, bij u op schoot en heeft
de diaspora het nakijken. Vergeet u vooral niet dat het continent Afrika ook
nog bestaat.
U ziet in deze https://app.box.com/s/b4scpgyt49etvvhd1lpl5t3b4tsmjxtc en deze https://app.box.com/s/k8atfrbrivpljqb1a2xk1goaih1djyxs links de ‘vruchten’ die zijn voortgekomen uit bijdragen van het Surinaamse
diaspora-mensenkapitaal in Nederland in het kader van 30 jaar staatkundige
onafhankelijkheid van de Republiek Suriname. De inhoud is nog actueel.
Daarnaast rijst de vraag welke acties de diaspora
nog kan verwachten in het kader van vraagstukken op het gebied van het AOW-gat,
excuses en reparatory justice. Gaan we, als we aan tafel zitten bij de
Nederlandse autoriteiten, deze kwesties ook aansnijden? Of gaan we doen alsof
onze neus bloedt? Mogen we daadkracht in deze van uw kabinet verwachten? U
krijgt van mij, mede namens het Landelijk Platform Slavernijverleden, het
voordeel van de twijfel. Omdat het belang van het ijzer smeden als het heet is
niet uit het oog mag worden verloren. Als lid van CARICOM heeft u hierin een
rol te vervullen. Gaat u die rol waarmaken?
Wat staat er nog meer in het regeerakkoord?
Er komt een Public Sector Reform-programma, omdat
het overheidsapparaat onvoldoende presteert en aan een grondige evaluatie en
herstructurering toe is. Dit zal in fasen gebeuren, waarbij een belangrijke
randvoorwaarde is dat de particuliere sector meer arbeidsplaatsen creëert en
meer aantrekkingskracht uitoefent. Niettemin kan er meteen heel wat gedaan
worden om het overheidsapparaat beter te laten presteren en ook efficiënter te
maken. Tevens zullen diverse parastatale bedrijven en organisaties geëvalueerd
worden en zo nodig tot private ondernemingen/instellingen ontwikkeld worden,
met medeneming van een deel van het ambtenarencorps.
Mag ik u herinneren aan de vele duizenden dollars
en euro’s, zowel van de zijde van de IDB als van andere internationale fondsen
(ook gestopt in het Fonds Ontwikkeling Binnenland), en in het kader van het
LOGO South Landenprogramma Suriname, die besteed zijn aan de ontwikkeling van
duurzame ontwikkelingsprogramma’s en projecten op bijna alle gebieden van
economie, onderwijs, wetenschap, beleid en zorg: capaciteitsopbouw en
-ontwikkeling, institutionele versterking, economische ontwikkeling, markten,
waste- en watermanagement, verkeersregulatie en ecosystemen, stedenbouwkunde,
ruimtelijke ordening en stadsvernieuwing, natuurlijke hulpbronnen,
gezondheidszorg en medicijnregulatie, gebiedsgericht werken en daaraan
verbonden uitvoeringsprogramma’s, instrumenten en projecten.
Ook onder leiding van de VHP-, NPS- en
PL-coalitie. De uitvoering van die programma’s en projecten werd geteisterd
door het altijddurende capaciteitsvraagstuk bij de Surinaamse overheid. Om die
reden is het prettig om over dit onderwerp, het Public Sector Reform-programma,
te lezen in uw regeerakkoord. Onder de regie van de NPS, VHP, PL en de
A-combinatie is dit programma twee keer herschreven na verschillende
factfindingmissies, conferenties en seminars; er was een afdeling bij het
ministerie van Binnenlandse Zaken (onder dezelfde naam) ingericht.
Verschillende projectleiders zijn betrokken geweest. Dit met (financiële)
ondersteuning van de IDB (institutionele versterkingsmiddelen) en VNG
International (LOGO South Landenprogramma Suriname). Verschillende deskundigheidsbevorderende
uitwisselingsmissies hebben plaatsgevonden. Persoonlijke conflicten binnen het
bestuurlijk (VHP-)managementapparaat hebben ertoe geleid dat de uitvoering van
deze roadmap, ondanks verschillende interventies, stagnatie ondervond. Bovendien
stond het Surinaamse bedrijfsleven niet te trappelen om de deuren wijd open te
zetten voor de uitstroom van overtollige ambtenaren. Het bedrijfsleven, om het
algemeen te stellen, vond dat ambtenaren niet inzetbaar (genoeg) waren zonder
grondige her-, om- en bijscholing om aan de verwachte competenties en attitude
van een werknemer in het bedrijfsleven te voldoen.
Het voordeel dat ik heb, of beter gezegd de
voorsprong in informatie die ik heb, ligt op het gebied van mijn jarenlange
betrokkenheid als projectleider van het samenwerkingsverband tussen de
Republiek Suriname en Nederland in het kader van het LOGO South Landenprogramma
Suriname. Samen met drs. Hans Buis van VNG International coördineerde ik
projecten in het kader van de samenwerkingsverbanden tussen Nederlandse steden
(gemeenten) en Surinaamse districten en/of parastatale instellingen. Let u op
wat De Turck toen schreef over de HR-strategie. In deze link te lezen: https://app.box.com/s/56a2ot4c27lkkwomp7o5yq8eghmsr46f. Het uitgangspunt van al die projecten was altijd in Surinameperspectief
en vanuit de ownershipgedachte van de Republiek Suriname.
Wat staat er nog meer in het regeerakkoord?
Het bestuur zal dichter bij de burgers komen door
middel van verdergaande decentralisatie naar districten en ressorten. Tevens
zal de informatie en communicatie tussen overheid en burger eerlijker, beter en
interactiever zijn. Hierbij zal het openbaar bestuur efficiënt, transparant,
integer en vrij van welke vorm van discriminatie ook functioneren. Ter
versterking van de democratie zal het overleg tussen de regering en de sociale
partners, maatschappelijke organisaties en functionele groepen (o.a. het gezag
van de inheemse en de tribale volkeren) frequent en gestructureerd
plaatsvinden. Het maatschappelijk middenveld, waaronder ook de religieuze
organisaties, zal ondersteund worden.
Deze belangrijke doelstelling herken ik uit het
meerjaren-districtsontwikkelingsprogramma, waar onderwerpen als gebiedsgericht
werken en burgerparticipatie belangrijke aandachtspunten waren.
Er was 12 jaar geleden al sprake van voornemens
op het gebied van verdergaande decentralisatie naar districten en ressorten. Er
is heel veel tijd en energie in de ontwikkelingsplannen gestopt.
Voor een analyse van de knelpunten verwijs ik u
naar het document in deze link: https://app.box.com/s/2v158zar8qkrcq6eyopk3ye0jl5uodq3. De programma’s en projectbeschrijvingen op het gebied van de oprichting
van een Vereniging Surinaamse Districten liggen nog steeds klaar voor
uitvoering. Het programma is via participatief overleg aan Surinaamse zijde tot
stand gekomen. Ook een Kennisinstituut Surinaamse Districten annex
opleidingsprogramma lag klaar voor uitvoering. 56 opleidingsprogramma’s maakten
deel uit van het opleidingsaanbod ten behoeve van ambtenaren. Uw kabinet kan nu
waarmaken wat onder de vorige Surinaamse regimes is ‘stilgelegd’, wegens
zogenoemde veranderende beleidsinzichten. Dit met inzet van diaspora-kaders.
Dan heb ik het over een diasporabeleid gericht op de braingain. Een beleid
gericht op de uitvoering van het project Uitzending Surinaamse (gepensioneerde)
managers.
Interessant is ook wat in het regeerakkoord
staat, te weten:
In het kader van natievorming zullen aan de
universiteit bijzondere leerstoelen gevestigd worden voor onderzoek en behoud
van het culturele erfgoed van de Surinaamse bevolkingsgroepen. Om een
gezamenlijke toekomst te bouwen is immers kennis van onze geschiedenis
essentieel.
In geen enkel opzicht is het duidelijk wat voor
soort land de Republiek Suriname wenst te zijn.
Een kennisland, een ecoland, een groene-energieland of een landbouwland? In het
kader van de zogenoemde ‘brand’ (unique selling point-)benadering en ten
behoeve van de aansluiting onderwijs- en arbeidsmarkt (job creation). Maar bij
natievorming denk je meestal aan vraagstukken die ook te maken hebben met basic
life skills in het kader van burgerschap. De gedachten gaan dan uit naar het
ontwikkelen van curricula (kerndoelstellingen en eindtermen) op het gebied van
verschillende onderwijsniveaus. Je denkt dan meestal aan direct uitvoerbare
programma’s, bijvoorbeeld via een brede schoolpolitiek en -strategie. Aan het
klaarstomen van generaties met gerichtheid op Zuid-Amerika en het Caribisch
gebied (CARICOM, Mercosur/FTAA).
In dit verband gaan de gedachten ook uit naar de
uitvoering van de internationale VN-verdragen op het gebied van de fundamentele
rechten van de mens. Hoe gaat dit kabinet de vraagstukken op het gebied van
subtiel racisme in de Republiek Suriname aanpakken? Op het gebied van
vreemdelingenhaat en aanverwante onverdraagzaamheid? Verwijzen naar een
synagoge, een kerk en tempel naast elkaar is niet voldoende. Een actief beleid
gericht op het intersectionele principe is essentieel.
Ten slotte op het gebied van onderwijs:
Het onderwijs is verwaarloosd en loopt achter op
de behoeften van de economie en de samenleving. Ook hier zal landelijk een
forse inhaalslag gemaakt moeten worden. Er zal gewerkt worden aan verbetering
van de kwaliteit van het onderwijs op elk niveau: een betere organisatie, een
hoger rendement en goede afstemming op de behoeften van de markt. Elke leerling
en student moet hierbij zonder problemen de school kunnen bezoeken en de kosten
mogen geen belemmering vormen voor participatie. Het hoger onderwijs, met
speerpunten van innovatie en onderzoek, zal meer aandacht krijgen. In de
wederopbouw van het onderwijs zal aandacht zijn voor ICT- en afstandsonderwijs,
zodat kinderen overal in het land flexibeler onderwijs kunnen volgen.
Het is echt niet mijn bedoeling om u de les voor
te lezen. In de kabinetten waar de VHP en de NPS bij betrokken waren, heb ik
deze eerste volzin ook aangetroffen in voornemens op het gebied van beleid. We
spreken dan ook van de periode waarin de PL ministerieel verantwoordelijk was.
Maar de manier waarop het nu is opgeschreven, zou
het vermoeden doen postvatten dat er in tien jaar niets is gebeurd. Erg jammer.
Omdat er wel degelijk iets is gebeurd. Goed, laat het dan zijn dat wat er is
opgeschreven: ‘Het onderwijs is verwaarloosd en loopt achter op de behoeften
van de economie en de samenleving’ de lading dekt. Denkt u niet dat het
onderwijs van Suriname ook achterloopt bij de behoeften die een land in
Zuid-Amerikaanse en Caribische (CARICOM-)context veronderstelt? In het kader
van aansluiting bij (gecertificeerde) opleidingen die bijvoorbeeld niet in de
Republiek Suriname kunnen worden gevolgd?
Er staat: “In de wederopbouw van het onderwijs
zal aandacht zijn voor ICT- en afstandsonderwijs, zodat kinderen overal in het
land meer flexibel onderwijs kunnen volgen.” And what about volwasseneneducatie
in het kader van het leven-lang-lerenprincipe?
Tot zover!!!
Ik troost mij daarom dat ik mij al aan het begin
van zijn presidentschap, met open vizier, van mijn verantwoordelijkheid had
gekweten en hem het allerbeste had toegewenst.
Deel 3
Een tweede keer dat ik hem minder tegemoet was
getreden, is toen hij gekozen werd om een toespraak te houden in het
Verzetsmuseum in augustus 2021.
Toen het museum vanwege deze keuze een lawine van
kritiek ten aanzien van de keuze voor Santokhi te verduren kreeg.
Mijn kritiek had vooral te maken met de ervaren
etnische en raciale tegenstellingen, mede als gevolg van het kabinetsbeleid van
Santokhi, die sinds de staatkundige onafhankelijkheid van de Republiek Suriname
in 1975 nog nooit zo zichtbaar, voelbaar en heftig waren geweest. Ik noem er
een paar:
Nepotisme/patronage/vriendjespolitiek
Waar deze president voor de verkiezingen nog beloofd had dat hij nepotisme en
patronage zou aanpakken, bleek het tegendeel waar te zijn. Binnen afzienbare
tijd werden deskundige mensen de laan uitgestuurd om incapabele familie en
vrienden in dienst te nemen. Het was een publiek geheim dat de statuten van
Staatsolie werden gewijzigd, zodat de echtgenote van president Santokhi kon
toetreden tot de Raad van Commissarissen van dit bedrijf, waar de overheid de
meeste aandelen bezat. Vervolgens werd zijn echtgenote tot directeur van zijn
kabinet benoemd.
Recht op demonstreren
Ook de vrijheid om te demonstreren kwam onder druk te staan. Iedereen kent de
beelden van activisten die zonder enige wettelijke basis door de politie van de
straat werden geplukt of uit hun bed werden gelicht.
Afhankelijke wetgevende, uitvoerende en
rechterlijke macht
Waar hij voor de verkiezingen nog beloofd had dat hij geen enkele Surinamer zou
uitsluiten, bleek het tegendeel waar te zijn. De wetgevende macht, uitvoerende
macht en de rechterlijke macht zijn onder zijn leiding verworden tot een kartel
dat politieke vijanden uitschakelt.
