Felle kritiek op EU-visumbeleid:
‘Surinamers worden gereduceerd tot risicostatistiek’
De reacties van Ram Rambaratsing en Ramon
Ramsodit op het vandaag verschenen artikel van EM Newsroom over het
aangescherpte Europese visumbeleid zijn scherp. Beiden, die al jaren pleiten en
vechten voor visumvrij reizen voor Surinamers naar Nederland, stellen dat de
nieuwe koers van de Europese Unie Surinamers niet alleen benadeelt, maar ook
historisch onrecht en ongelijkheid bestendigt.
Volgens Ramsodit, die zich al jaren inzet voor
visumvrij reizen voor Surinamers, markeert de nieuwe EU-visumstrategie een
fundamentele breuk met het verleden. “Voor Surinamers is visumvrij reizen geen
kwestie meer van rechtvaardigheid of historische verbondenheid, maar van koude
statistiek,” stelt hij. De verschuiving van diplomatieke afwegingen naar strikt
meetbare indicatoren noemt hij ogenschijnlijk objectief, maar in de praktijk
onevenredig nadelig voor landen met nauwe banden met Europa, zoals Suriname.
Volgens Ramsodit worden familiebanden en sociale
netwerken, ooit gezien als bruggen tussen samenlevingen, nu juist uitgelegd als
migratierisico’s. “Dat is een pijnlijke omkering van de realiteit. Gezinnen die
elkaar willen bezoeken, worden behandeld als een probleem dat gemanaged moet
worden.”
‘Onneembare
bureaucratische vesting’
Ook Ram Rambaratsing spaart de EU niet. In
krachtige bewoordingen spreekt hij van een “onneembare bureaucratische vesting”
waar de Surinaamse burger structureel tegenaan loopt. “Terwijl er constant
wordt gesproken over historische banden en innige samenwerking, ervaart de
Surinamer in de praktijk precies het tegenovergestelde,” zegt hij.
Rambaratsing wijst op wat hij een schrijnende
ongelijkheid noemt: burgers uit meerdere Zuid-Amerikaanse landen kunnen zonder
visum naar Europa reizen, terwijl Surinamers, met diepe historische en
familiaire wortels in Nederland, worden geconfronteerd met hoge kosten,
uitgebreide bewijslast en afwijzingen op basis van vage vermoedens. “Wie een
begrafenis of familiebezoek wil bijwonen, wordt behandeld alsof hij iets te
bewijzen heeft.”
‘Collectieve
straf’
Beide voorvechters van visumvrij reizen voor
Surinamers erkennen dat veiligheid en migratiebeheer legitieme belangen zijn,
maar vinden dat het huidige beleid zijn doel voorbijschiet. Rambaratsing
spreekt van een collectieve straf. “Dit voelt niet als controle, maar als
structureel wantrouwen tegenover een hele bevolkingsgroep,” stelt hij. “Waarom
wordt een land met zulke nauwe banden behandeld als een tweederangs partner?”
Ramsodit sluit zich daarbij aan en benadrukt dat
de boodschap uit Brussel hard is: eerst jarenlang ‘bewijzen’ met perfecte
cijfers, pas daarna komt er eventueel ruimte voor gesprek. “Daarmee wordt
visumvrij reizen verschoven van een realistisch beleidsdoel naar een verre
technocratische horizon.”
Oproep aan
Nederland
In hun reacties richten Rambaratsing en Ramsodit
zich nadrukkelijk tot Nederland. Volgens hen kan en moet Nederland binnen de EU
een actievere rol spelen. “De tijd van mooie woorden is voorbij,” stelt
Rambaratsing. “Nederland moet in Brussel met de vuist op tafel slaan.”
De discussie raakt volgens hen aan meer dan
alleen reisregels. Rambaratsing wijst op de koloniale geschiedenis en de
langdurige ongelijkheid die daaruit is voortgekomen. “Suriname is eeuwenlang
kolonie geweest. Surinamers zijn in die periode onmenselijk behandeld. Respect
en gelijkwaardigheid mogen geen loze begrippen zijn.”
Groeiende
afstand
Hoewel de EU inzet op legale mobiliteit voor
studenten en werknemers, zien Rambaratsing en Ramsodit daarin geen oplossing
voor de meerderheid van de Surinamers. “Dat biedt weinig troost voor gezinnen
die elkaar simpelweg willen bezoeken,” zegt Ramsodit. “Per saldo vergroot dit
beleid de afstand tussen Europa en Suriname, terwijl die maatschappelijk en
historisch juist zo nauw met elkaar verbonden zijn.”
Met hun reacties hopen Rambaratsing en Ramsodit
het debat opnieuw aan te wakkeren. Niet over cijfers alleen, maar over
gelijkwaardigheid, menselijke maat en de vraag hoe diep historische banden
werkelijk reiken wanneer beleid wordt omgezet in praktijk.
