Geheimrapport
coup Suriname uit 1984 volledig vrijgegeven
Het tot nu toe grotendeels afgeschermde,
uitgebreide onderzoeksrapport uit 1984 over de Nederlandse Militaire Missie in
Suriname en diens rol bij de coup van 25 februari 1980 is grotendeels openbaar
gemaakt. Alle bijlagen, interne memo’s en onderliggende stukken zijn
vrijgegeven, met uitzondering van persoonsgegevens, die om privacyredenen zijn
geanonimiseerd.
De openbaarmaking volgt op een formeel
Wob-verzoek (Wet openbaarheid van bestuur), waaraan de overheid nu volledig
heeft voldaan. Eén document blijft echter nog steeds buiten bereik: het eerste
inlichtingenrapport van de Landmacht, opgesteld door majoor Koenders in 1980,
blijft geheim.
Wat decennialang slechts in citaten bekend was,
ligt nu vrijwel integraal op tafel. Het volledige rapport van de Commissie van
Onderzoek uit 1984 naar de rol van de Nederlandse Militaire Missie rond de
Surinaamse staatsgreep van 25 februari 1980 is openbaar gemaakt. Niet alleen de
eindconclusies, maar ook de bijlagen: verklaringen, interne correspondentie,
ambtelijke notities en bijgevoegde rapporten, waarbij uitsluitend
persoonsgegevens onleesbaar zijn gemaakt.
De openbaarmaking is het directe gevolg van een
verzoek dat door iemand op 30 oktober 2025 werd ingediend bij het Nationaal
Archief. In dat verzoek werd onder meer gevraagd om inzage in het advies van de
algemene rijksarchivaris bij het besluit om de zogeheten ‘Suriname-documenten’
langdurig te beperken in openbaarheid. Het gaat daarbij om documenten uit inventarisnummer
20421, afkomstig uit het archief van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
(periode 1980–1989), die in 2011 voor 75 jaar aan de openbaarheid waren
onttrokken.
Daarnaast werd verzocht om alle onderliggende
informatie over de totstandkoming van dat besluit, waaronder correspondentie,
notulen en interne afstemming tussen het Nationaal Archief, de Tweede Kamer en
het ministerie van OCW. Aan dat verzoek is nu voldaan: de relevante documenten
zijn openbaar gemaakt, met uitzondering van gegevens die onder de bescherming
van de persoonlijke levenssfeer vallen.
Het rapport uit 1984 werd destijds opgesteld na
groeiende politieke onrust over de vraag of Nederland een rol had gespeeld bij
de Surinaamse staatsgreep. Officieel luidde de conclusie toen dat geen bewijs
bestond voor directe betrokkenheid van Nederlandse militairen met name kolonel
Hans Valk bij de coup.
Maar die conclusie was gebaseerd op een rapport
waarvan grote delen – met name de bijlagen, nooit publiek toegankelijk waren.
Juist in die stukken, zo blijkt nu, bevinden zich de details over contacten,
waarschuwingen, interne twijfels en diplomatieke afwegingen binnen de
Nederlandse overheid.
Met de openbaarmaking van deze documenten komt
een jarenlang afgesloten dossier in een nieuwe fase.
