Ministerie ziet geen ruimte om uitkeringsregels voor Surinaams-Nederlandse ouderen te verruimen

Foto: Ramon Ramsodit (links) en Ram Rambaratsingh (rechts)

Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) ziet geen ruimte om de regels rond de Aanvullende Inkomensvoorziening Ouderen (AIO) -uitkering te verruimen, ondanks een oproep van twee burgers om ouderen langer in het buitenland te laten verblijven. Dat laat het ministerie weten in een reactie tegenover EM Newsroom.

Pleidooi: meer ruimte voor verblijf in Suriname

Aanleiding voor de reactie is een brief van Ram Rambaratsingh en Ramon Ramsodit. Zij vroegen het ministerie om de maximale verblijfsduur in het buitenland te verhogen van 13 weken naar 6 maanden voor AIO-gerechtigden die in Suriname zijn geboren.

In een brief van 12 februari 2026 vragen de initiatiefnemers aandacht voor de situatie van Surinaamse Nederlanders met een AIO-uitkering. Momenteel mogen zij maximaal 13 weken per jaar buiten Nederland verblijven met behoud van hun uitkering.

Volgens Rambaratsingh en Ramsodit is die periode te kort. Zij stellen dat een langer verblijf in Suriname positieve effecten heeft op de fysieke en mentale gezondheid van ouderen, onder meer door het warmere klimaat en sterkere familiebanden.

Daarnaast wijzen zij op:

          Gezondheidsvoordelen: minder depressie, luchtwegklachten en valrisico’s

          Sociale binding: versterking van familiebanden en vermindering van eenzaamheid

          Lagere zorgkosten: mogelijk minder beroep op zware zorg in Nederland

          Historische ongelijkheid: lagere AOW-opbouw bij Surinaamse Nederlanders

          Gelijke behandeling binnen het Koninkrijk

Zij pleiten ook voor een pilot van twee jaar om de effecten van een verruiming te onderzoeken.

Ministerie: wet laat weinig ruimte

Het ministerie van SZW bevestigt dat de brief is ontvangen en beantwoord, maar ziet geen aanleiding om het beleid te wijzigen.

Volgens het ministerie is de AIO een vorm van bijstand en geldt het zogenoemde territorialiteitsbeginsel: recht op bijstand is gekoppeld aan verblijf in Nederland.

Je krijgt geen bijstand voor langdurig verblijf in het buitenland,” aldus SZW.

De huidige uitzondering van 13 weken geldt als vakantieperiode. Langer verblijf leidt tot stopzetting van de uitkering, die na terugkeer opnieuw kan worden aangevraagd.

Waarom geen verruiming?

Het ministerie noemt meerdere redenen om vast te houden aan de bestaande termijn:

          Controle en uitvoering: langer verblijf bemoeilijkt toezicht op rechtmatigheid

          Veranderende omstandigheden: bij langer verblijf neemt kans toe op wijziging van recht op bijstand

          Wetgeving: de Participatiewet biedt geen ruimte voor langdurig verblijf buiten Nederland

          Gebrek aan onderzoek: er is geen bewijs dat verruiming zorgkosten verlaagt

Ook zijn er volgens het ministerie geen plannen voor een pilot of beleidswijziging.

Politieke route ligt open

Het ministerie wijst erop dat politieke besluitvorming bij de Tweede Kamer ligt. De indieners hebben hun brief inmiddels ook daar onder de aandacht gebracht.

Uit correspondentie blijkt dat de vaste Kamercommissie SZW de brief heeft ontvangen en mogelijk zal betrekken bij een toekomstig debat over pensioenen, al is daar nog geen datum voor vastgesteld.

Achtergrond: historische discussie

De 13-wekenregeling kent een lange geschiedenis. In het verleden is geprobeerd deze termijn te verruimen, maar uiteindelijk werd steeds teruggekeerd naar 13 weken als compromis tussen uitvoerbaarheid en flexibiliteit.

Voor Surinaamse Nederlanders speelt daarnaast een bredere discussie over de AOW-opbouw vóór de onafhankelijkheid van Suriname in 1975. Eerdere compensatiemaatregelen bleven beperkt tot een eenmalige tegemoetkoming.

Hoewel het verzoek om versoepeling steun zoekt in maatschappelijke en historische argumenten, houdt het ministerie vast aan bestaande wetgeving. Verdere verandering lijkt voorlopig alleen mogelijk via politieke besluitvorming in de Tweede Kamer.

Populaire posts van deze blog